Jan van den Oever is een geboren (1935) en getogen Kampenaar, die door het verwezenlijken van de "Oeverture-cd" een ultieme droom in vervulling zag gaan.
Roos, zijn op 63 jarige leeftijd op 29 december 2001, overleden vrouw, heeft, toen ze nog leefde, altijd met hem "meegedroomd". Ze heeft hem geïnspireerd en gestimuleerd en waar nodig voorzag ze zijn teksten van kritisch commentaar. En om die reden is de cd dan ook te hare nagedachtenis uitgebracht.
Het zal duidelijk zijn, dat "Oeverture" op deze manier gespeld een leuke link naar hun naam is.
Jan van den Oever is autodidact, een deftig woord voor iemand, die, zoals in zijn geval, geen muzikale opleiding heeft gehad -of het zou het jaartje muziektheorie in 1994/95 van Hans Bos aan de Kamper Muziekschool moeten zijn-. Hij heeft het, zoals men dat noemt, "zichzelf geleerd".
In zijn jeugd op de ULO maakte Jan van den Oever al liedjes en dat is eigenlijk altijd zo gebleven.
Meer dan 30 jaar was hij regisseur van de Kamper Amateur Toneelgroep "De KAT" en in die hoedanigheid kreeg hij te maken met het toneelstuk "De heer van Pourceaugnac" van Molière en het Kamper Volkstoneel "Verpatst"; voor beide producties schreef van den Oever de liedjes, die ook zijn uitgegeven en die al gedurende een flink aantal jaren overal in de lande worden uitgevoerd.
Tot zijn pensionering in 1993 was Jan van den Oever ambtenaar bij de gemeente Kampen; de laatste 10 jaar als hoofd van de afdeling burgerzaken.
Hoewel een enkel lied, zoals b.v. "Ik heb vannacht gedroomd..." en "Mensen gevraagd", al veel eerder zijn ontstaan, heeft van den Oever zich na zijn pensionering toch hoofdzakelijk toegelegd op het schrijven van geestelijk repertoire.
Hij kreeg meer vrije tijd en daardoor klaarblijkelijk meer gelegenheid -en ook de omstandigheden thuis dwongen hem daartoe- om over de "dingen des levens" wat serieuzer te gaan nadenken. In zijn geval mondde dat uit in een aantal religieuze teksten, die hij voorzag van bijpassende melodieën; al gebeurde het ook wel eens andersom: eerst de melodie en dan de tekst. En zo ontstonden er in de loop der jaren 19 geestelijke liederen.
Op de cd nemen twee kinderen van Jan van den Oever -Gea en Bram- korte solo's voor hun rekening, daarmee het feit, dat de "Oeverture-cd" een eerbetoon is aan hun overleden moeder, nog eens extra onderstrepend.
In 1999 toonde muziekuitgeverij "Promusic" te Wezep belangstelling voor zijn werk en tot nu toe zijn bij hen 17 liederen uitgegeven, alle voor gemengd koor; dezelfde die ook op de cd voorkomen. Van 3 liederen -"Glorie", "Belijdenis" en "Bede"- is inmiddels ook een mannenkoorversie verschenen. Voor gemengd koor zijn drie nieuwe liederen uitgegeven, te weten: "De Heer verschijnt te middernacht", (gezang 63), tekst: Martien C.Postema; "Zomermorgen in bergen", tekst: Nel Benschop en "Voel het warme zonlicht".
Inmiddels is de muziekuitgeverij van naam en adres veranderd. Het is nu: “Promusic Publishing”, Zuiderzeestraatweg 42, 8085 AG Doornspijk; e-mail: info@promusic.nl.

Naast het “geestelijke“ werk heeft Jan van den Oever ook veel “wereldse” liedjes –om ’t zo ’s te zeggen- geschreven. We noemden reeds de liedjes voor het toneelstuk “De heer van Pourceaugnac”, met titels als: “Ochtend”; “Van de hak op de tak”; “Polygaam”; “Nérine” (instrumentaal) en “Avond”. En ook voor het Kamper volkstoneel “Verpatst”; een kluchtig spel in één bedrijf, in het (Kamper) dialect, met titels als: “Ie em’mien verpatst”; “Mooie Mannes”; “Brood op de planke”; “Ik ’eb nog nooit in mien leven”; “Ik spring nog liever in de Iessel” en “Lullebaai veur Saai”. Van al deze liedjes bestaat bladmuziek met een pianobegeleiding; tevens is van “Verpatst” het complete skript beschikbaar.
“De heer van Pourceaugnac” is destijds uitgegeven bij de Toneelcentrale te Bussum, terwijl “Verpatst” in eigen beheer is uitgebracht.
Van veel “los werk” kunnen de volgende titels worden genoemd; van deze liedjes is ook een pianobegeleiding voorhanden en ze zijn voor iedere belangstellende beschikbaar, bovendien zijn onder de rubriek "Bladmuziek" fragmenten van de meeste liedjes te bekijken:
“Varen” (voor zeemanskoor); “Het is voorbij”; “Jij bent de zon in mijn leven”; “Regenweer”; “Hatsji” (voor kinderkoor); “Ik heb maar één hobby” (voor tienerkoor); “Maar dan…”; “De Kamper meisjes”; “Steurenstad”; “Jannes van Campen”; “De nij’e brugge”; “Vlinders zijn vrij” (nav gelijknamige toneelstuk); “Meisje van de overkant”; “Een simpel liefdesliedje”; “Ping en Pong spelen pingpong”; “Pas op…”; “Greta” (“Op het strand van Kreta”); “Zingend door het leven”; “Een lied voor Afrika”; “Eenzaam, alleen”; “De ware Jacob”; “Het regent op Madeira” (vierstemmig); “Pepita en Alberto”; “Sonnet van Petrarca” (klassiek); “Rosalie”; “Soort bij soort” (nav gelijknamige toneelstuk); “De stad van m’n dromen” (Weens lied); “Vaarwel Ventura” (nav gelijknamige musical); "Voor Giethoorn een lied"; “Zing van de lente”; "Ik wil Mjoessof spreken" (nav het gelijknamige toneelstuk); "'k Heb mijn leven in mijn hand"; "De duif is dood..." (nav de bekende conférence van Toon Hermans) en: “Anthem for the lonely men” (engels, ism “Parkside”).
De volgende instrumentale composities –voor piano- kunnen worden vermeld, ook hiervan is bladmuziek aanwezig:
Walsen: “Adieu”; “Dromenland” en “Valse simple”;
Marsen: “Giethoorn”; “Detmold-mars” en de “Polygaam-mars”.
Polka’s: “Bella-polka”; “Polka Roset” en de “Silvesterpolka”.
En verder nog de titels:
“Astrudo” (bossa nova); “Benalmadena” (rumba); “Song for Kelly”; “Magyaria” (Hongaarse impressie); “Marcella”; “May day “; “Monday mood”; “Sunday mood”; “Nérine” (instrumentaal intermezzo uit “De heer van Pourceaugnac”); Nick’s tune; Peter’s tune; Tony’s tune; “Romy’s wals”; “Rosa Rosa”; “Santa Ponsa ‘84”; “Santa Claus’ticking clock”; “Superfluous lovesong”; “Tango solitair”; “Two kids on the floor”.

Sedert 2013 bestaan er van verscheidene van bovenvermelde composities arrangementen voor orkest in symfonische bezetting.


Jan van den Oever | Oeverture | 2005 - 2017 | Contact